Ga naar de inhoud

De zomeronderbrekingen zijn niet meer wat ze geweest zijn. Het woord zomerreces kan rechtstreeks het diepvriesvak in. Terwijl de wereld in brand staat – letterlijk én figuurlijk – staat ook het spoor midden in de storm. Niet altijd op het scherm van het zevenuurjournaal, maar wél in de coulissen waar de echte beslissingen vallen.

Neem het politieke zomerakkoord van de regering-De Wever. Achter de grote woorden en persberichten met vette titels schuilt een ongemakkelijk detail: veel van die zogenaamde “akkoorden” bestaan voorlopig alleen op papier. Eerst moeten ze door een hindernissen-parcours. Zonder sociaal overleg geen uitvoering. Zonder parlementair debat geen wet. En zonder handtekening van Koning Filip geen enkel Koninklijk Besluit dat telt. Pas vlak voor het kerstreces weten we wat er op het koninklijke dienstblad belandt. Of misschien vallen de maskers al eerder, zodra tijdens het “sociaal overleg” blijkt dat er van overleg geen sprake is. Onze ervaring met het kabinet van Jambon voorspelt alvast weinig goeds.

Democratie zonder noodrem
Mijn vertrouwen in de democratische besluitvorming heeft intussen een flinke deuk opgelopen. Zelfs wanneer de maskers gevallen zijn, dendert de machinerie gewoon door. De wereldpolitiek bewijst het elke dag opnieuw: sociaal en menselijk onrecht met de zegen van een democratisch stempel. Ook de beslissingen van de regering-De Wever passen in dat rijtje.

Ik ontmoet werkelijk niemand die bewust heeft gestemd voor langer werken en voor minder pensioen, voor het afromen van nachtvergoedingen (vooralsnog niet bij het spoor, maar daarom niet minder verwerpelijk) of voor het uitdelen van miljarden aan de wapenindustrie – compleet met onderdanige schouderklopjes voor de president van de wapenlobby en “the free world” – diepe zucht. En toch is dat precies wat er nu gebeurt, zogezegd in naam van het volk.

Het is geen detail, maar een symptoom van hoe macht, geld en (sociale) media elkaar versterken — en zolang dat mechanisme onaangeroerd blijft, zullen reorganisaties, besparingen en afbraakoperaties niet stoppen, en al zeker niet bij de spoorwegen. U fronst bij de gedachte dat de wereldpolitiek invloed heeft op de Belgische spoorwegen? Lees dan vooral verder.

Het spoor betaalt de prijs
Het spoor zal ongetwijfeld één van de publieke sectoren zijn die de rekening gepresenteerd krijgt. Maak u maar klaar voor de volgende reeks reorganisaties en desinvesteringen. We worden op twee fronten tegelijk aangevallen: de werkomstandigheden op de vloer én de werk-levensbalans thuis. Onze pensioentantièmes moeten eraan, gevoed door een ideologische perceptieoorlog. De verhoogde werkdruk zal impact hebben op het gezinsleven. Zonder twijfel.

Dat dit mensen voor een voldongen feit zet, zonder enig toekomstperspectief, is voor de rechtse beleidsmakers bijzaak. Het gebrek aan inlevingsvermogen voor zware beroepen (mentaal en fysiek) is geen vergetelheid, maar de standaardaanpak van politiek rechts die zich laat sturen door een geopolitieke context, gevoed door neoliberale lobbygroepen. Dat is de echte realiteit. Niet de zoethoudertjes van de reality-tv en aanverwanten, die mensen verdooft en weerhoudt van kritische reflectie over wat er werkelijk speelt.

Jargon als rookgordijn
De PowerPoints van het spoorwegmanagement staan zo vol met Angelsaksische termen dat je meteen weet: hier heeft een consultant van een Amerikaanse consultancyfirma zijn factuur al gestuurd. Zelfs de welzijnsenquête bij de NMBS kreeg het label Be Well. De resultaten waren rampzalig, maar ook wij trapten in de val: op onze website noemden we het een Wake-up call voor de NMBS. Besmettelijk, dat jargon.

En nu komt het. Op één van de eerste slides van de presentatie aan het bedrijfscomité PBW staan drie “contextelementen” die volgens het management de slechte resultaten mede verklaren:

  • De onzekere geopolitieke situatie en dreiging
  • Het gespannen economisch klimaat gekenmerkt door aangekondigde besparingen
  • Het gespannen sociaal klimaat door de impact van de maatregelen in het regeerakkoord

Met andere woorden: de problemen die het personeel dagelijks voelt, werden niet erkend als het gevolg van keuzes of beleid. Ze werden verkocht als “onvermijdelijke omstandigheden”, alsof werkdruk, personeelsuitval en chaos op de werkvloer net zo onvermijdelijk zijn als vertraging bij mist op een herfstige ochtend. Dat is geen analyse – dat is een handig rookgordijn om verandering te vermijden.

Onze syndicale voorstellen – stabiliseren in plaats van alweer reorganiseren, kiezen voor eenheid in commando in plaats van een verdeelde, onwerkbare structuur – worden opnieuw straal genegeerd. Zolang management en regering de structurele oorzaken verpakken in glad jargon en externe factoren, blijft de rekening altijd op hetzelfde adres terechtkomen: bij het personeel. En voor alle duidelijkheid, ook HR-Rail en Infrabel zijn in hetzelfde bedje ziek.

Schrijf het maar op: het transportplan zal onvermijdelijk aangepast worden door een tekort aan personeel. Niet alleen omdat er in de nabije toekomst minder kandidaten zullen zijn voor operationele posten, maar ook door het vertrek van collega’s die elke dag het verschil maken.

Wat we nu zien bij consultants die even snel verdwijnen als ze opduiken, zal straks ook op de werkvloer te merken zijn — maar dan met veel grotere gevolgen.Wie morrelt aan pensioenvoorwaarden en statuut, krijgt gegarandeerd miserie. Maar daar liggen onze neoliberale kruisvaarders niet wakker van.

Shock?!
In De Shockdoctrine (2007) beschrijft journaliste Naomi Klein hoe neoliberale hervormingen zelden via een open democratisch proces worden ingevoerd, maar vaak worden doorgedrukt tijdens periodes van grote maatschappelijke ontreddering: natuurrampen, staatsgrepen, oorlogen of financieel-economische crisissen. Zulke “shocks” creëren volgens haar de ideale omstandigheden voor privatisering, deregulering en sociale afbraak, omdat een murw geslagen bevolking minder weerstand biedt.

Herkenbaar bij het spoor? Absoluut. Het defensiebudget, goed voor 5% van de overheidsbegroting, wordt grotendeels gespekt door genadeloze besparingen op publieke diensten. Alles wordt uit de kast gehaald om het neoliberale wereldbeeld uit te rollen – met stilzwijgende steun van een bevolking die te murw is om zich te verzetten. Hervormingen worden verkocht als onvermijdelijke maatregelen en doorgevoerd wanneer werknemers verzwakt zijn of in onzekerheid leven. Liberalisering, privatisering.

U vindt dat ik overdrijf? Is dat zo? Dit land telt 3,5 miljoen gesyndiceerde burgers, maar in het parlement is de intrinsieke weerspiegeling daarvan nauwelijks terug te zien, laat staan de politieke besluitvormingen.  En intussen blijft de werkende klasse netjes haar belastingen betalen. Zonder achterpoortjes. Dat is de realiteit. En zolang dat zo blijft, rijden we met volle snelheid richting een wissel die niemand heeft aangevraagd — maar waarvan de bestemming allang vastligt. De Shockexpress.

Günther Blauwens